De Verrekijker – EEN OVERZICHT VAN DE NIEUWSTE MODELLEN

  • Bericht auteur:

In het kielzog van de pandemie gaan we met zijn allen veel vaker de natuur in. Vogels kijken is een van de populairste vrijetijdsbestedingen geworden. Een grote loterij is er zelfs toe overgegaan om een vogelgids zo’n beetje huis-aan-huis te verspreiden. Vogels kijken zonder verrekijker is eigenlijk niet mogelijk. De vogels zijn gewoon te klein of te ver weg, om ze met het blote oog goed te kunnen bekijken. Als je nog nooit een verrekijker hebt gehad, is het kiezen van een kijker uit het enorme aanbod echter nog niet zo eenvoudig.

Veel van de specificaties waarmee door verkopers wordt geschermd, zoals uittredepupil, lichtsterkte en schemergetal, zijn geometrische waarden die niets zeggen over de kwaliteit.

De prijsverschillen zijn gigantisch bij verrekijkers. Zo kunnen modellen met ogenschijnlijk dezelfde specificaties (bijvoorbeeld een 10×42-dakkantkijker) in prijs vari ren tussen 89 en 2770 euro. Veel van de specificaties waarmee door verkopers wordt geschermd, zoals uittredepupil, lichtsterkte en schemergetal, zijn geometrische waarden die niets zeggen over de kwaliteit.

Zo hebben alle 10×42-verrekijkers, of ze nu heel goedkoop of peperduur zijn, een vergroting van 10x en een objectiefdiameter van 42 mm. Ze hebben daardoor allemaal dezelfde uittredepupil van 4,2 mm (42 gedeeld door 10), dezelfde lichtsterkte van 17,64 (de uittredepupil van 4,2 in het kwadraat) en hetzelfde schemergetal van 20,49 (de vierkantswortel uit 42×10).

Specificaties

De uittredepupil van een verrekijker is een belangrijk gegeven. Je eigen pupil is tussen de 2 mm bij fel zonlicht en 8 mm in de duisternis. Bij zonlicht is de uittredepupil van zelfs de kleinste kijker groter dan je eigen pupil. Maar dat verandert als het donker wordt en je pupil verwijdt tot 8 mm. Dan hebben alleen 7×50-, 8×56- en 9×63-kijkers een uittredepupil die in de buurt komt van je eigen pupil, namelijk 7 mm. Bij vrijwel alle andere kijkers is de uittredepupil kleiner, waardoor je bij weinig licht de indruk krijgt door een gaatje te kijken, en het beeld donkerder is.
De oogafstand (eye relief) geeft aan op welke afstand van het oculair het beeld wordt geprojecteerd. Vooral voor brildragers is een voldoende oogafstand van belang, omdat de ruimte tussen bril en oog moet worden overbrugd. Een oogafstand van 18 mm of meer volstaat in de meeste gevallen. Niet-brildragers kunnen de oogschelpen uitdraaien.

Belangrijk is ook de schijnbare beeldhoek, de breedte van het gebied dat je door de verrekijker ziet op een afstand van 1000 meter. Ook deze kun je berekenen; door de gezichtshoek, die je in de specificaties van de kijker kunt vinden en soms op de kijker is ingegraveerd, te vermenigvuldigen met de vergroting. Een 10×42-kijker met een gezichtshoek van 6,9o heeft dus een schijnbare beeldhoek van 69o. Een andere manier om dit uit te drukken is het gezichtsveld, uitgedrukt in meters op 1000 m afstand. Hiervoor vermenigvuldig je de gezichtshoek met de factor 17,5. Een kijker met een gezichtshoek van 6.9o heeft dus een gezichtsveld van 120,75 m (= 121 m) op 1000 m. Hoe groter de schijnbare beeldhoek en het gezichtsveld, hoe prettiger de kijker in de praktijk is. Doorgaans zijn deze waarden bij de nieuwste en vaak duurdere kijkers (veel) hoger dan bij oudere en goedkopere, al zijn er uitzonderingen.

Lichttransmissie

Het enige echte kwaliteitskenmerk is de lichttransmissie, dat wil zeggen hoeveel licht het oog bereikt na zijn pad door de verrekijker te hebben afgelegd. De gebruikte glassoorten en coatings van de lenselementen en – vooral – van de prisma’s bepalen dat.
Hoe beter ze zijn, hoe duurder de kijker. De lichttransmissie kun je niet berekenen en je kunt hem zelf ook niet meten, waardoor je de fabrikanten op hun woord moet geloven. De beste kijkers halen een lichttransmissie van meer dan 90 procent.

Subjectieve factoren

Behalve deze objectieve, fysieke aspecten is er ook een aantal subjectieve factoren om rekening mee te houden, waarvan de belangrijkste toch wel de handligging is. Ligt de kijker prettig in de hand? Valt je vinger wel goed op het scherpstelwiel, en draait dat lekker soepel, of niet?
Een belangrijk aspect is de gewichtsverdeling binnen een kijker. Een kijker die lekker vasthoudt, ligt als het ware in balans op je duimen, zodat het geen moeite kost om hem in evenwicht te houden. Bij sommige kijkers ligt het zwaartepunt echter te ver naar voren, zodat je altijd een beetje kracht moet uitoefenen om de kijker vlak te houden. Op den duur gaat dat irriteren. Actuele kijkers van de topmerken hebben dat aspect prima op orde, maar er zijn ook merken die daar kennelijk geen rekening mee (kunnen) houden.
Een reden te meer om bij de aanschaf van een kijker naar een winkel met een grote keuze te gaan. Je zult immers uren doorbrengen met de kijker in je handen en hoe lekkerder die vasthoudt, hoe meer plezier je eraan zult beleven.

De verrekijkers

Hieronder bespreek ik in het kort en in alfabetische volgorde de eigenschappen van de nieuwste kijkers, die ons door de betreffende importeurs ter beschikking werden gesteld. Let erop dat de indrukken per definitie subjectief zijn. Ben je geïnteresseerd in een van de kijkers, ga dan naar een winkel waar deze op voorraad is, zodat je hem kunt proberen – en eventueel kunt vergelijken met de concurrentie – voordat je hem koopt.

 

bushnell productshot

Bushnell Forge 10×42

Vergeleken met de meer dan vijfmaal duurdere 10×42-kijkers van Leica, Swarovski en Zeiss valt de Bushnell Forge 10×42 helemaal niet tegen. Hij is misschien wat minder fraai en wat eenvoudiger (bijvoorbeeld door de niet vergrendelbare dioptrieverstelling op de rechter kijkertubus en oogschelpen met slechts drie posities), maar optisch laat hij maar weinig steken vallen. Dat komt wellicht door de opmerkelijke keuze voor Abbe-König prisma’s. In vergelijking met de door de andere merken – op de Vortex Razor UHD 10×42 na – gebruikte Schmidt-Pechan prisma’s is de lichttransmissie hoger, waardoor de Bushnell opvalt door het voor zijn prijsklasse heldere beeld. Vreemd is dat het gewicht van de kijker te ver naar voren ligt, waardoor hij niet lekker in balans is. Terwijl je kijkt moet je de kijker bewust omhooghouden, wat op den duur vermoeiender is dan bij een kijker die beter in balans is. Je krijgt echter ontegenzeggelijk veel waar voor je geld met deze Bushnell Forge 10×42.

Bushnell Forge 10×30

Deze zakkijker is een beetje een buitenbeentje in deze test, maar is toch interessant door de relatief grote objectiefdiameter van 30 mm. Hierdoor is hij lichtsterker dan de meeste andere zakkijkers in dit segment, die meestal een objectiefdiameter van 25 mm hebben. Daar staat tegenover dat hij daardoor natuurlijk wel weer wat groter en zwaarder is. Niettemin is het een kijker die bij uitstek geschikt is voor bijvoorbeeld wandel-, fiets- of schaatstochten, waarbij een full-size verrekijker te veel van het goede zou zijn. Hij ligt voor zo’n kleine kijker goed in balans, al had ik het scherpstelwiel liever wat meer naar achteren gehad. Nu moet je het bedienen met je middelvinger (of zelfs ringvinger), waar ik liever mijn wijsvinger zou gebruiken.

Leica Noctivid productshot

Leica Noctivid 10×42

De topkijker van Leica kan zich optisch goed meten met de andere kijkers uit het hoogste segment. Hij is wat prijs betreft iets goedkoper dan de Swarovski NL Pure 10×42 en ietsje duurder dan de Zeiss Victory SF 10×42. Qua lengte is hij met 150 mm iets korter dan de Swarovski, terwijl de Zeiss 23 mm langer is. Van de drie is de Zeiss het lichtst, de Swarovski het slankst, terwijl de Leica het zwaarst is, al zijn de verschillen gering. Hij houdt lekker vast en ligt goed in balans, en het gewicht van 860 g valt in het veld niet op. De oogschelpen laten zich goed verstellen, zodat je altijd lekker door de opvallend brede oculairs kijkt. Het gezichtsveld van 112 m op 1000 m is echter aanmerkelijk krapper dan de 133 m van de Swarovski en de 120 m van de Zeiss. Een prachtkijker, die het echter moeilijk heeft ten opzichte van zijn twee concurrenten.

Leica Trinovid productshot

Leica Trinovid 10×32

De Leica Trinovid 10×32 valt door zijn relatief lage prijs in een andere klasse dan de Swarovski NL Pure 10×32 en de Zeiss Victory SF 10×32. De Trinovid is al een wat ouder model, wat terug te zien is in het beperkte gezichtsveld van 113 m op 1000 m, waar de nieuwere Swarovski- en Zeiss-kijkers komen op respectievelijk 132 en 130 m. En dat ga je merken. Daar staat tegenover dat deze twee kijkers ruim tweemaal zo duur zijn (999 euro tegenover respectievelijk 2460 en 2390 euro). Voor dat geld heb je dan wel een echte Leica met een voorbeeldige optische kwaliteit. Hij ligt lekker in de hand en is goed in balans. Compact van bouw is hij ideaal voor op reis, zeker als je ook nog een camera met teleobjectief mee het veld inneemt.

Nikon Monarch HG 10×42

De Nikon Monarch HG 10×42 valt met een gemiddelde verkoopprijs van net geen 1000 euro in dezelfde prijscategorie als de Zeiss Conquest 10×42. Het is een kijker die beter presteert dan veel van de populaire kijkers uit de prijsklasse tussen de 500 en 1000 euro. De kijker is in Japan gebouwd en is steviger van constructie dan bijvoorbeeld een Nikon Monarch 7 10×42. Ook de beeldkwaliteit is duidelijk beter dan dat van die kijker, mede doordat in de Monarch HG een zogenoemde field flattener is opgenomen. Dit lenselement zorgt voor een vlakker en tot aan de randen toe scherp beeld. Door zijn geringe omvang en gewicht is het een prettige kijker om mee te nemen, al zou je voor langdurige observatie misschien juist liever een wat forsere, hoewel niet per se zwaardere kijker willen. Verder is het een prettige kijker die betrouwbaar presteert. De dioptrieverstelling zit weliswaar in de rechtertubus, maar is wel vergrendelbaar.

nikon prod shot

Nikon EDG 8×42

Verrekijkers met een vergroting van 8x zijn heel populair, omdat ze in heel veel situaties gebruikt kunnen worden. Door hun grotere uittredepupil van 5,25 mm ten opzichte van de 4,2 mm van 10×42-kijkers doen ze het beter in de schemering of in een donker bos. Door de lagere vergrotingsfactor is een 8×42-kijker ook wat gemakkelijker stil te houden, zodat ook verre vogels goed bekeken kunnen worden.

De Nikon EDG 8×42 bevindt zich in een iets lagere prijsklasse dan de Swarovski NL Pure-, Zeiss Victory- en Leica Noctivid-series. De optische kwaliteit is uitmuntend, net als de bouwkwaliteit. Met een gezichtsveld van 135 m op 1000 m blijft hij wel wat achter bij de vergelijkbare Swarovski NL Pure 8×42 en de Zeiss Victory SF 8×42 (beide niet getest) die wat dat betreft met 150 m, respectievelijk 148 m op eenzame hoogte staan.

Swarovski 10-42

Swarovski NL Pure 10×42

De NL Pure-serie is de opvolger van de immens populaire EL-serie (die overigens met enigszins aangepaste specificaties in het programma blijft). NL staat voor Nature Lover, en heeft niets met ons land van doen. In vergelijking met de EL-kijkers valt onmiddellijk de slanke bouw op. Die werd mogelijk door de prisma’s in de buizen te kantelen. Door de getailleerde greep houdt de kijker lekker vast, ook al omdat de balans prima in orde is: leg de kijker op je duimen en hij blijft rustig liggen. Dat is een groot voordeel als je langdurig vogels observeert. Daarbij komt nog dat als accessoire een voorhoofdsteuntje te koop is (130 euro), waarmee het kijkgenot nog groter wordt. Een grote innovatie heeft verder plaatsgevonden in de oculairs, waardoor het gezichtsveld indrukwekkend ruim is: 133 m op 1000 m. Dat is een waarde die je normaal gesproken zou verwachten bij een 8x-vergrotende kijker (zoals de 135 m bij de Nikon EDG 8×42 in deze test). Door dat brede gezichtsveld is het heel prettig kijken, en zal een vliegende vogel niet snel uit beeld raken. Hier blijven de Zeiss Victory SF 10×42 met 120 m en de Leica Noctivid 10×42 met slechts 112 m duidelijk achter.

In vergelijking met de EL-serie heeft Swarovski het concept van de dubbele brug weer losgelaten. In de centrale brug is nu het scherpstelwiel wat meer naar voren geplaatst, zodat het perfect ligt om met je wijsvinger bediend te worden. De oogschelpen kunnen in zes posities worden vastgeklikt, zodat iedereen een ideale positie kan vinden. Zoals gebruikelijk is de dioptrieverstelling te vinden in de brug, maar hij kan niet worden vergrendeld. Wel klikt de nul-stand duidelijk in. Het draagsysteem van Swarovksi is uniek en zeer prettig, maar sluit het gebruik van andere draagriemen uit.

Swarovski pure

Swarovski NL Pure 10×32

Net als de Swarovski NL Pure 10×42 loopt de Swarovski NL Pure 10×32 voorop wat betreft de breedte van het gezichtsveld en de lichttransmissie. Als je hem eenmaal hebt gebruikt, kun je je zelfs afvragen of een grotere en duurdere kijker nog wel nodig is. Met een gezichtsveld van 132 m op 1000 m is hij bijzonder prettig in het gebruik en om dezelfde redenen als bij zijn grotere ‘broer’ ligt hij prettig in de hand door zijn uitgekiende balans en lagere gewicht. Door de smalle ‘wespentaille’ heb je een stevige greep, en ook op deze kleinere kijker zit het scherpstelwiel op de ideale plek. De Swarovski is iets zwaarder dan de Zeiss Victory SF 10×32, maar ook iets korter. Hij is niet alleen verkrijgbaar in Swarovski-groen, maar ook in een kekke oranje kleur.

Swarovski NL Pure 12×42

Wat voor de Swarovski NL Pure 10×42 geldt, gaat ook op voor de Swarovski NL Pure 12×42, met alleen het verschil dat de vergroting 12x bedraagt in plaats van 10x. Dat heeft gevolgen voor de lichtsterkte en de grootte van de uittredepupil, maar dat is een bewuste keuze als je deze kijker koopt. Een 12x-kijker gebruik je doorgaans in weidse omgevingen, waar de dieren zich op grote afstand bevinden. De Swarovski NL Pure 12×42 heeft net als de 10x-variant een opmerkelijk groot gezichtsveld, namelijk 113 m op 1000 m, en dat is een waarde die eigenlijk prima past bij een traditionele 10x-kijker. Opmerkelijk. Hierdoor is de kijker bij uitstek geschikt voor het waarnemen van zeevogels. In een dicht bos zul je met een dergelijke vergroting toch wat moeite hebben met het terugvinden van de vogel, ondanks het brede gezichtsveld.

vortex verrelijker

Vortex Razor UHD 10×42

Een verrassing van het Amerikaanse Vortex is de Razor UHD zeker. Dit is een fraaie, slankgebouwde kijker met verrassenderwijs Abbe-König prisma’s. In principe zorgen deze prisma’s voor een hogere lichttransmissie dan de meer traditionele Schmidt-Pechan prisma’s, al geeft Vortex nergens aan hoe hoog die is bij deze in Japan gebouwde kijker. De oogschelpen kunnen in slechts drie posities worden gebruikt. De dioptrieverstelling zit weliswaar op de rechtertubus, maar kan wel vergrendeld worden. De Vortex Razor UHD 10×42 weegt 913 gram en is daarmee zwaarder dan de andere 10×42-kijkers in deze test.

Door de slanke bouw ligt hij lekker in de hand, maar hij is niet goed in balans omdat de voorzijde van de kijker te zwaar is. Hierdoor moet je, net als bij de Bushnell, voortdurend een beetje corrigeren. Als je de kijker pakt zodat je vingers op de ribbels aan de binnenzijde liggen, kun je niet bij het scherpstelwiel. De ergonomie is daarmee niet helemaal in orde. Optisch daarentegen valt er niet veel te mopperen. Met een gezichtsveld van 115 m op 1000 m komt hij goed mee (de iets duurdere legendarische Swarovski EL 10×42 heeft een gezichtsveld van 112 m), maar moet zijn meerdere erkennen in de nieuwe Swarovski NL Pure 10×42 met 133 m en de Zeiss Victory SF 10×42 met 120 m. Hij is echter wel meer dan 1000 euro goedkoper! Hij wordt niet alleen geleverd met de gebruikelijke (fraaie) draagtas en draagriem, maar ook met een draagharnas, waardoor het wat hogere gewicht van de kijker al minder een bezwaar is.

Zeiss Victory SF 10×42

De verrekijkers van Zeiss staan al jaren op hetzelfde hoge niveau als die van Swarovski en Leica. Het is meer een kwestie van persoonlijke voorkeuren, dan van objectieve voordelen, waarom mensen kiezen voor het ene of het andere merk. De Zeiss Victory SF 10×42 is een forse kijker, die toch licht van gewicht is (790 g). Hij ligt daardoor prima in de hand en ook de balans is in orde, waardoor je langdurig kunt observeren. De kijker is voorzien van een dubbele, open brug en het scherpstelwiel ligt vrij ver naar voren, zodat je die prima met je wijsvinger kunt bedienen. Het wiel loopt lekker soepel, maar met voldoende weerstand om nauwkeurig scherpstellen mogelijk te maken. Verder naar achteren zit de dioptrieverstelling die vergrendelbaar is. De oogschelpen zijn in drie posities te gebruiken. Het gezichtsveld van 120 m op 1000 m is iets krapper dan bij de iets duurdere Swarovski NL Pure 10×42 (133 m), maar biedt ruim meer dan de Leica Noctivid 10×42 (112 m). Ook de Vortex Razor UHD (115 m) en de Bushnell Forge 10×42 (113 m) moeten het met een iets smaller gezichtsveld stellen. Wat betreft lichttransmissie bevindt de Victory SF zich met 92 procent in de bovenste regionen.

zeiss victory 10x32

Zeiss Victory SF 10×32

De ‘kleine’ Zeiss Victory SF 10×32 is een heerlijke kijker. De lichttransmissie staat met 90 procent op een hoog niveau en je komt dan ook nauwelijks licht te kort, ook niet in de schemering. Het gezichtsveld met 130 m op 1000 m is riant te noemen, waardoor het kijken naar vogels heel ontspannen is. Je kunt op die manier je voordeel doen met de kleinere omvang en het fors lagere gewicht van een 10×32-kijker. De Zeiss Victory SF 10×32 weegt slechts 590 g en is met 150 mm lekker kort en handzaam. De Swarovski NL Pure 10×32 is iets zwaarder (640 g), maar wel iets korter (144 mm). Qua prijs ontlopen ze elkaar weinig. Door deze kijker, die ik langer kon gebruiken dan de Swarovski NL Pure 10×32, ben ik anders naar deze categorie gaan kijken. We zijn inmiddels in een tijdperk aangekomen waarin een 10×32-kijker kan wedijveren met een 10×42-kijker. Misschien wordt mijn volgende kijker wel een 10×32…

Zeiss Conquest 10×42

Een kijker die al wat langer meegaat is de Zeiss Conquest 10×42. De Conquest-serie is een verrekijkerlijn van Zeiss die voordeliger is dan de Victory-serie, maar zonder al te veel in te boeten op de kwaliteit. De Conquest is gewoon Made in Germany, en oerdegelijk gebouwd met prima optische en mechanische eigenschappen. De lichttransmissie is met 90 procent gewoon goed te noemen en hij is slechts 5 gram zwaarder en liefst 23 mm korter dan de Victory SF 10×42. Het gezichtsveld is met 115 m op 1000 m maar 5 meter smaller. Een kniesoor die daarop let als je weet dat de Conquest meer dan de helft goedkoper is dan de Victory. Een veer die je moet laten is dat de dioptrieverstelling op de rechterbuis is ondergebracht en niet vergrendelbaar is.

 Bushnell Forge          10 x 42Swarovski   NL Pure       10 x 42Swarovski   NL Pure        12 x 42Vortex     Razor UHD  10 x 42Zeiss      Victory SF   10 x 42
      
Vergroting (x)1010121010
Lensdiameter (mm)4242424242
Close Focus (m)322,61,351,5
Uittrede pupil (mm)4,24,23,54,24,2
Eye relief (mm)18181816,718
Lengte (mm)170158158178173
Gewicht (g)860850840913790
FOV m op 1000 m113133113115120
Lichttransmissie (%)929191N.B.92
PrismaAbbe-König  Abbe-König 
Prijs (€)559,-2.770,-2.820,-1.699,-2.645,-
Websitetranscontinenta.nlswarovskioptik.com/nlswarovskioptik.com/nlbenel.nlzeiss.nl
 Zeiss Conquest      10 x 42Leica  Noctivid      10 x 42Nikon       EDG               8 x 42Nikon Monarch HG 10 x 42Bushnell Forge           10 x 30
      
Vergroting (x)101081010
Lensdiameter (mm)4242424230
Close Focus (m)21,9322
Uittrede pupil (mm)4,24,25,254,23
Eye relief (mm)181919,31718
Lengte (mm)150150148145122
Gewicht (g)795860785680388
FOV m op 1000 m115112135121110
Lichttransmissie (%)9092N.B.N.B.N.B.
Prisma     
Prijs (€)1.145,-2.725,-1.989,-999,-399,-
Websitezeiss.nlleicastoreamsterdam.nlnikon.nlnikon.nltranscontinenta.nl
    Swarovski   NL Pure        10 x 32 Leica   Trinovid HD 10 x 32 Zeiss    Victory SF   10 x 32
         
Vergroting (x)   10 10 10
Lensdiameter (mm)   32 32 32
Close Focus (m)   2 1 1,9
Uittrede pupil (mm)   3,2 3,2 3,2
Eye relief (mm)   18 16 19
Lengte (mm)   144 130 150
Gewicht (g)   640 660 590
FOV m @ 1000 m   132 113 130
Lichttransmissie (%)   92 90 90
Prisma        
Prijs (€)   2.340,- 949,- 2.390,-
Website   swarovskioptik.com/nl leicastoreamsterdam.nl
zeiss.nl
         

Conclusie

Het aanbod aan verrekijkers is onverminderd groot, en in een goed gesorteerde winkel kun je tientallen op het oog vergelijkbare kijkers treffen. De top – Leica, Swarovski en Zeiss – blijft met iedere generatie kijkers sprongen vooruit maken. Nikon doet kwalitatief goed mee, maar zou wat meer aan de weg mogen timmeren om haar producten onder de aandacht van met name vogelaars te brengen. De goedkopere Monarch-kijkers doen het goed, maar de duurdere en uitstekende HG- en EDG-kijkers kom je in het veld nauwelijks tegen. Opvallend is dat er tal van andere merken zijn die op een soms fors lager prijsniveau tot opmerkelijke prestaties komen, bijvoorbeeld Bushnell met zijn Forge-kijkers, of Vortex met zijn zeer fraaie Razor UHD. Persoonlijk vind ik de nieuwe 10×32-kijkers van Swarovski en Zeiss de revelaties van deze test.

Dit artikel is eerder gepubliceerd in Focus 6-2021.

Vind je dit een goed artikel koop de complete Focus 6-2021 dan hier in de webshop of beter, neem een abonnement en steun Focus hiermee. Met jouw hulp kunnen we artikelen als deze blijven maken.